Skip naar de inhoud

Fietsen is goed voor het milieu, de gezondheid en de bereikbaarheid. Nederlanders fietsen steeds vaker en steeds verder, en fietsen op hogere leeftijd langer door. Ook komen er steeds meer verschillende fietspadgebruikers, zoals bezorgfietsen, bakfietsen en snelle elektrische fietsen. Daardoor wordt het steeds drukker op de fietspaden. Om nog meer mensen voor de fiets te laten kiezen én het toegenomen aantal fietsers en soorten fietspadgebruikers veilig aan het verkeer te laten deelnemen, worden in heel Nederland doorfietsroutes ontwikkeld.

Wat zijn doorfietsroutes?

Doorfietsroutes zijn aantrekkelijke en veilige, op elkaar aansluitende fietsroutes. Ze verbinden dorpen en steden met elkaar en maken werk- en winkellocaties, scholen, ov-knooppunten en dergelijke beter bereikbaar voor fietsers van zowel binnen als buiten de stad. Het zijn aantrekkelijke en veilige fietsroutes waar genoeg ruimte is voor alle soorten fietsers. Zij komen er zo min mogelijk obstakels tegen en hebben vaak voorrang op ander verkeer.

Hoe ontstaan doorfietsroutes?

Door de bestaande (fiets)infrastructuur te verbeteren en ontbrekende stukken aan te leggen, ontstaat een doorfietsroute. Omdat de doorfietsroutes gemeentegrenzen overstijgen, werken verschillende overheden zoals provincies, vervoerregio’s en gemeenten samen. Zij bespreken de plannen met belangenorganisaties, (potentiële) gebruikers en direct omwonenden. Zo komen ze tot een zo optimaal mogelijke oplossing die aantrekkelijk en veilig is voor zowel de fietsers als de omwonenden.

Toolkit doorfietsroutes

In heel Nederland werken we aan een netwerk van doorfietsroutes. Provincies, gemeenten en andere wegbeheerders: iedereen heeft hierin een eigen rol. Met deze toolkit voor professionals willen we bijdragen aan een eenduidige aanpak op het gebied van communicatie en participatie over doorfietsroutes. Hiermee ontstaat een duidelijk beeld bij alle doelgroepen waar we mee communiceren. De toolkit ondersteunt professionals met praktische handvatten, geleerde lessen en concrete producten zoals voorbeeldfotografie, draaiboeken en een message house.  

De toolkit is opgebouwd volgens de meest voorkomende fases in een project om een doorfietsroute te ontwikkelen.

Heb je specifieke vragen of heb je zelf goede voorbeelden die je wilt toevoegen aan de toolkit? Neem dan contact op met [email protected].

Algemeen

Hier vind je algemene informatie ter ondersteuning van communicatie over doorfietsroutes.  

Fase 0 - ideefase

Doorfietsroutes overstijgen vrijwel altijd gemeentegrenzen. Daardoor ligt er bij het ontwikkelen van een doorfietsroute vaak een overkoepelende en coördinerende rol bij de provincie of de vervoerregio. Het daadwerkelijk verbeteren of aanleggen van fietsinfrastructuur, de concrete (deel)projecten die samen de doorfietsroute maken, gebeurt vaak in opdracht van de wegbeheerder. Dat is soms de provincie, maar bijvoorbeeld ook de gemeente of het waterschap. De planning voor de deelprojecten kan soms erg verschillen, bijvoorbeeld omdat de werkzaamheden worden gecombineerd met grootschalig onderhoud of andere infraprojecten. Het realiseren van een complete doorfietsroute kan dus soms wel jaren duren. 

Planmatig communiceren 

De wegbeheerders zijn vaak zelf verantwoordelijk voor de participatie en communicatie over hun deelprojecten. Tegelijkertijd dragen de verschillende deelprojecten bij aan het grotere geheel: een doorfietsroute die verschillende gemeenten en voorzieningen met elkaar verbindt. Daarom is het belangrijk om zo vroeg mogelijk in het proces te starten met een werkgroep communicatie met daarin vertegenwoordigers van de verschillende wegbeheerders, de partij die de overkoepelende rol heeft (meestal de provincie of de vervoerregio) en eventueel strategische partners zoals de lokale Fietsersbond. De checklist communicatie kan een goed houvast zijn voor een eerste overleg. Vervolgens is het belangrijk om direct vanaf het begin goede afspraken te maken over de participatie en communicatie. Hiervoor kun je dit format voor een participatie- en communicatieplan gebruiken. De vragen uit de checklist communicatie geven hiervoor input.  

Sentimenten 

Doorfietsrouteprojecten worden vaak gekenmerkt door twee sentimenten. Enerzijds vinden veel inwoners het positief dat het fietsen aantrekkelijker en veiliger wordt gemaakt. Tegelijkertijd kan bij omwonenden van de doorfietsroute zorg zijn over de toename van met name snelle, elektrische fietsen en of de doorfietsroute binnen het gebied past (de ruimtelijke inpassing). Vaak is er op ambtelijk niveau al een voorkeurstracé voor de doorfietsroute bedacht. Daardoor kunnen omwonenden het gevoel hebben dat er weinig ruimte is voor inspraak.  

Enquête Tour de Force 


Tour de Force heeft een enquête ontwikkeld die het gebruik, gedrag en de beleving van doorfietsroutes meet en die ingezet kan worden als 0-meting. Deze enquête kan een goed eerste communicatiemoment zijn. Het brengt op een laagdrempelige manier het toekomstige doorfietsrouteproject onder de aandacht (mensen kunnen er alvast aan wennen) en haalt bij (potentiële) gebruikers en omwonenden ideeën en sentimenten op.  

Tussen gemeenten A, B en C wordt al veel gefietst. Graag willen we de situatie voor fietsers verder verbeteren en meer mensen verleiden te kiezen voor de fiets. Daarom willen we graag weten wat u belangrijk vindt bij het fietsen tussen A, B en C. Wat waardeert u al erg, en wat kan beter? Denkt u mee?

Dit levert niet alleen input op voor het ruimtelijke plan, maar het geeft ook inzicht in waar je je in de communicatie op kunt richten, zoals oplossingen die de doorfietsroute biedt voor vaak genoemde knelpunten.

Fase 1 – Start van het project 

Er zijn meerdere momenten waarop je kunt beginnen met het communiceren over het doorfietsrouteproject. 

Omdat er meestal verschillende samenwerkende partijen zijn in een doorfietsrouteproject, is er vaak een moment van bestuurlijke besluitvorming. Een voorbeeld is het ondertekenen van een samenwerkingsovereenkomst (SOK). Communicatie rondom zo’n moment kan goed zijn voor de bestuurlijke betrokkenheid van verschillende partijen, maar heeft als risico dat het leidt tot onduidelijkheid omdat het daadwerkelijke tracé of te nemen maatregelen vaak nog niet bekend zijn. Deze onduidelijkheid kan weerstand veroorzaken bij de omgeving. Kies dus altijd een algemeen, positief frame.  

We gaan ervoor zorgen dat het fietsen tussen gemeente A, B en C nog veiliger en aantrekkelijker wordt!

Geef ook aan hoe de plannen de komende tijd (al dan niet participatief) verder wordt uitgewerkt.

Als er sprake is van participatie (zie hoofdstuk 2.2 van het format voor een participatie- en communicatieplan), kan dit een mooi moment zijn om de communicatie over de doorfietsroute te starten. Vaak is participatie over de gehele doorfietsroute niet mogelijk (behalve consulterend, zoals via de inzet van de Tour de Force-enquête) en vindt participatie op gemeentelijk niveau plaats, dus over een deelproject dus. Omdat het deelproject onderdeel is van een groter geheel (de hele doorfietsroute), is bijvoorbeeld de aansluiting van het deelproject op de gehele route vaak een gegeven. Houd er rekening mee dat dit de ruimte voor het bespreken van alternatieven in de participatie beperkt.

De start van de werkzaamheden van het (eerste deel)project is de meest praktische en concrete manier om te starten met de communicatie over het doorfietsrouteproject. Zeker als er geen of weinig ruimte voor participatie is. Denk bijvoorbeeld aan een eerste schop in de grond, de eerste tegel wippen (waar asfalt in plaats komt van tegels) etc. Is er wel sprake geweest van participatie, dan is het uiteraard een goed idee in de communicatie hierop terug te grijpen (benadruk welke ideeën van omwonenden en gebruikers zijn meegenomen in het project). Betrokken inwoners kunnen wellicht een rol spelen bij de starthandeling. 

De hoofddoelgroep voor doorfietsroutes zijn forensen. Maak het belang hiervan zichtbaar door in de omgeving van de doorfietsroute (een) werkgever(s) te vinden die positief staat tegenover de fiets. Bijvoorbeeld vanwege het belang van gezonde werknemers, of omdat meer fietsers zorgen voor meer ruimte op de weg voor vervoer dat geen alternatief heeft, zoals transportbedrijven. Vanuit overwegingen van maatschappelijk verantwoord ondernemen, willen zij wellicht als ambassadeur optreden. Aansluiten bij een persmoment is voor hen dan een mooie manier om als zodanig positief zichtbaar te zijn.

Praktische tip: fotografie. Bepaal met de projectleider(s) van het project/de deelprojecten welke locaties op de route de grootste verandering ondergaan en waar de verbeteringen straks het meest zichtbaar zijn. Maak van deze locaties voor- en na-foto’s en doe dit voor elk (deel)project. Zo breng je de resultaten van het project goed in beeld. Desgewenst kun je van dezelfde locaties ook foto’s maken in de uitvoeringsfase, waarmee je een timelapse creëert en de ontwikkeling door de tijd heen laat zien. 

Best practice F15 IJsselmode

Fase 2 – Uitvoering van het project 

Het ontwikkelen van een doorfietsroute gebeurt vaak in verschillende deelprojecten met een eigen opdrachtgever (vaak de wegbeheerder), planning en verantwoordelijke voor participatie en communicatie. Daarbij zijn er in de uitvoeringsfase twee belangrijke doelgroepen: (1) de direct omwonenden die overlast kunnen ervaren van de werkzaamheden en dus met hindercommunicatie moeten worden bereikt, en (2) de fietsers die nu wellicht tijdelijk hinder ervaren, maar straks veiliger en comfortabeler kunnen fietsen. Het is daarom vaak lastig om te spreken over de uitvoering van ‘het doorfietsrouteproject’.  

In de uitvoeringsfase zijn er twee manieren om de communicatie in te richten: integraal of juist fragmentarisch. Beide hebben hun voor- en nadelen. 

De integrale aanpak benadrukt het ‘grote plaatje’: het voordeel van de gehele route van gemeente A tot gemeente C voor fietsers (veiliger en comfortabeler) en omwonenden (minder autoverkeer, verkeersveilige inrichting van de infrastructuur). Deze aanpak werkt goed als in de ideefase is geconstateerd dat er veel draagvlak is voor het verbeteren van de fietsroutes. In de integrale aanpak kun je ervoor kiezen te werken met één centrale projectpagina op bijvoorbeeld de website van de provincie of de vervoerregio. Hier verwijs je dan altijd naartoe wanneer je als wegbeheerder communiceert over deelprojecten en werkzaamheden. Ook kun je ervoor kiezen om te werken met overkoepelende elementen zoals een beeldmerk, een kaart of een payoff, waarmee je de herkenbaarheid van de doorfietsroute vergroot en de samenhang binnen het totaalproject benadrukt. 

Best practice: F15 IJsselmonde

Overkoepelende video F15 IJsselmonde

Een nadeel van de integrale aanpak is dat het veel nadruk legt op het stimuleren van het fietsen van langere afstanden. Dat is immers waar een doorfietsroute aan bijdraagt. Hierdoor kunnen direct omwonenden weerstand ontwikkelen tegen de vermeende aanzuigende werking van de doorfietsroute op met name elektrische fietsen, speed pedelecs, fatbikes en racefietsers. Ook het behoud van de huidige situatie kan leiden tot weerstand, bijvoorbeeld wanneer een doorfietsroute door een historische kern komt of juist door een stiltegebied. In deze gevallen is de fragmentarische aanpak wellicht een betere benadering. Deze aanpak benadrukt vooral de voordelen van de deelprojecten voor de directe omgeving en gaat uit van een bestaand gegeven. Bijvoorbeeld:  

In de fragmentarische aanpak ligt de nadruk dus vooral op uitvoeringscommunicatie vanuit de wegbeheerders. 

Welke aanpak je ook kiest: in beide gevallen is het van belang de communicatie goed af te stemmen tussen de verschillende wegbeheerders. Maak hierover goede afspraken in het participatie- en communicatieplan. 

Fase 3 – Afronding van het project 

De doorfietsroute is klaar wanneer alle deelprojecten zijn afgerond. Wanneer je hebt gekozen voor de integrale aanpak, is dit een moment om groots te vieren met alle betrokken partijen. Bijvoorbeeld door een feestelijk openings- en persmoment te organiseren en actief de media te benaderen. Heb je gekozen voor de fragmentarische aanpak, dan ligt het meer voor de hand om stil te staan bij het afronden van het deelproject, en minder of niet de nadruk te leggen op het totaalproject. 

Enquête Tour de Force 
Is in de ideefase de enquête van Tour de Force ingezet die onderzoek doet naar het gebruik, gedrag en de beleving van doorfietsroutes? Dan is dit het moment om de 1-meting te doen. De resultaten van de 1-meting zijn een onderbouwing richting bestuur en interne opdrachtgevers om te laten zien wat de resultaten zijn van het doorfietsrouteproject. Zeker wanneer er is gekozen voor de integrale aanpak, is het ook goed om extern de resultaten te communiceren:  

Het aantal fietsers tussen gemeenten A, B en C is met dit aantal procent toegenomen, de waardering voor de route is van cijfer X naar cijfer Y gegaan en het aantal ongelukken is afgenomen met dit aantal procent.

Fase 4 – Fietsstimulering 

Veel overheden stimuleren het gebruik van de fiets al, bijvoorbeeld door middel van campagnes of een werkgeversaanpak. Het ontwikkelen van een doorfietsroute kan een concrete ‘doorverwijzing’ zijn:

Wilt u vaker de auto laten staan? Via de doorfietsroute X kunt u vanuit gemeenten A en B comfortabel en veilig naar gemeente C (of: kantoor, station, school, etc.) komen!

Anderzijds kan de projectcommunicatie over een doorfietsroute ook de aanleiding zijn om het gebruik van de fiets te stimuleren en bestaande campagnes of aanpakken onder de aandacht te brengen:  

Doorfietsroute X is af! Ook ervaren hoe u comfortabel en veilig naar gemeente C (of: kantoor, station, school, etc.) kunt fietsen? Probeer nu gratis vier weken een elektrische fiets uit!

Wanneer fietsstimulering koppelen aan een doorfietsroute? 
Het risico op weinig effect van fietsstimulering is het grootst wanneer iemand een negatieve ervaring opdoet. Daarom is het verstandig om fietsstimulering en een concrete doorfietsroute pas communicatief aan elkaar te koppelen op het moment dat de hele doorfietsroute gereed is.  

Bestaande initiatieven 

Er zijn al veel campagnes en aanpakken ontwikkeld, zowel landelijk als regionaal. In sommige regio’s zijn er speciale (uitvoerings)organisaties opgericht om het gebruik van de fiets te stimuleren (of breder: te ondersteunen in de mobiliteitstransitie). Hieronder staan alle op dit moment actieve initiatieven, ingedeeld per regio. Mis je een initiatief? Neem dan contact op met [email protected].

Landelijk

Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat: Da’s zo gefietst 

Regionaal

Drenthe 

Doorfietsroutes Groningen – Drenthe  

Groningen 

Doorfietsroutes Groningen – Drenthe  

Noord-Brabant 

Ons Brabant Fietst 

Sjees 

Utrecht 

Goed op weg 

Ik Fiets 

Zuid-Holland 

Zuid-Holland Bereikbaar  

Checklist communicatie 

Ga hier naar de werkwijze voor het ontwikkelen van persona's.

Ga hier naar de werkwijze voor het ontwikkelen van een message house.

Format voor een participatie- en communicatieplan 

Inleiding doorfietsrouteproject 

Beschrijf hier de aanleiding, de fysieke ligging, de samenwerkende partijen, de globale planning en het doel van de doorfietsroute. 

Organisatie, rollen en verantwoordelijkheden 

Beschrijf hier welke partijen samenwerken op welke manier, waar welke beslissingen worden genomen en wie welke verantwoordelijkheid heeft.  

Rollen en verantwoordelijkheden 

Is er bijvoorbeeld een directieoverleg, stuurgroep of projectgroep? Hoe is de communicatiewerkgroep georganiseerd? Hoe verhoudt de communicatiewerkgroep zicht op de eerdergenoemde overleggen? Wat zijn de rollen van de verschillende partijen binnen de communicatiewerkgroep? 

Participatie 

Is er participatie mogelijk en zo ja, op welk niveau (informeren, inspreken, consulteren, coproduceren of meebeslissen) en bij welke organisatie ligt de verantwoordelijkheid? 

Praktische zaken 

Zijn er afspraken gemaakt over bijvoorbeeld het gebruik van de projectnaam, beeldmerk of huisstijl, de projectwebsite, hoe te handelen bij persvragen, etc.? 

Budget 

Zijn er afspraken gemaakt over financiële bijdragen van de verschillende partijen aan (marketing en) communicatie? 

Monitoring en evaluatie 

Zijn er KPI’s bepaald voor de communicatie en zo ja, hoe worden deze gemeten en wiens verantwoordelijkheid is dat?  

Communicatiedoelgroepen 

Beschrijf hier de verschillende doelgroepen. Gebruik hiervoor bijvoorbeeld de actoren-inventarisatie. Desgewenst kun je het heersende en het gewenste sentiment binnen de verschillende doelgroepen toevoegen: hoe staan ze tegenover het project en hoe willen we dat ze tegenover het proces staan?  

Interne doelgroepen 

Interne doelgroepen kun je onderverdelen in interne samenwerkingspartners (zoals de provincie of vervoerregio en de verschillende wegbeheerders) en interne stakeholders, die wel (zijdelings) betrokken zijn bij het project, maar geen directe invloed hebben (zoals een uitvoeringsorganisatie op het gebied van verkeersveiligheid of gedragsverandering, een waterschap of de Fietsersbond). Spelen er intern issues, dan kun je de matrix belangen en vertrouwen gebruiken om dit inzichtelijk te krijgen. 

Externe doelgroepen 

Externe doelgroepen kun je bijvoorbeeld onderverdelen in reizigers, omwonenden en externe stakeholders zoals andere gemeenten, Rijkswaterstaat, ov-bedrijven, belangenverenigingen, werkgevers en ondernemersorganisaties. Gebruik hiervoor bijvoorbeeld de omgevingsscan

Media 

Welke lokale en regionale media zijn van belang voor het project? 

Communicatiedoelstellingen  

Beschrijf hier eerst de hoofddoelstelling en werk deze vervolgens per doelgroep uit. Maak de doelstellingen zo SMART mogelijk (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden). Vaak hebben doelstellingen te maken met veranderend gedrag: je wilt iets van je doelgroepen. Het Communicatie Activatie Strategie Instrument (CASI) kan je helpen dit goed in beeld te krijgen.  

Communicatieboodschap 

Beschrijf hier de boodschap die je wilt inzetten om de hiervoor beschreven doelstellingen te behalen. Doe dit eerst overkoepelend voor het hele project. Een message house is een handige methode om samen met alle betrokken partijen een gedragen boodschap te formuleren. Werk de communicatieboodschap vervolgens uit in specifieke boodschappen voor de verschillende doelgroepen. 

Communicatiestrategie en -middelen 

Beschrijf hier op welke manier je de boodschappen onder de aandacht wilt brengen van je doelgroepen. Proactief of reactief, direct of getrapt (en wie heb je daar dan voor nodig?), visueel of tekstueel, online of offline, vanuit welk frame, etc. Welke middelen heb je hiervoor tot je beschikking of wil je ontwikkelen? Werk dit uit voor de verschillende doelgroepen.   

Bijlagen 

Handige bijlagen zijn bijvoorbeeld een communicatiekalender, een FAQ en een overzicht van namen en contactgegevens van alle samenwerkende partijen. 

Producten en toolkits

Op zoek naar inspiratie rond doorfietsroutes? Ga op onderzoek uit in onze toolkit.

Standaardisatie effectmetingen doorfietsroutes – Beleving en Gedrag

Nederland is al jaren het fietsland bij uitstek. Vanuit de verschillende duurzaamheidsdoelen, zoals economische bereikbaarheid, leefbaarheid en gezondheid wordt gewerkt aan een toename van het fietsgebruik. We streven naar een verdubbeling van het aantal fietskilometers in 2040 ten opzichte van 2017. De aanleg van doorfietsroutes wordt gezien als belangrijk instrument om tot die schaalsprong te komen. Om meer inzicht te krijgen in de effecten van de aanleg van deze routes, en daarmee in de effectiviteit van investeringen, is meer een eenduidige dataverzameling nodig. Om deze reden wordt vanuit Tour de Force gewerkt aan een ‘Eenduidige Meetmethode Hoogwaardig Fietsnetwerk’ waarin metingen van gedrag, beleving en gebruik op doorfietsroutes worden vormgegeven. In twee protocollen zijn de metingen van ‘beleving en gedrag en ‘gebruik’ op doorfietsroutes stap voor stap beschreven. Op deze pagina vind je het protocol 'beleving en gedrag, inclusief de gestandaardiseerde enquêteformulieren voormeting en nameting. Het protocol 'gebruik' vind je bij de gerelateerde documenten. ## Voordelen standaardisatie De standaardisatie van de uitvoering en de effectmeting wordt centraal geregeld. Dit levert de volgende voordelen op: • resultaten zijn bruikbaar voor een landelijke vergelijkbaarheid van investeringen in doorfietsroutes; • standaard verrijking van enquêteresultaten leidt tot een directe kwaliteitsimpuls; • versnelling, toepassing en implementatie van wetenschappelijke concepten; • toegevoegde waarde voor quick-scan en strategische verkeersmodellen; • borging en uniformiteit fietskennisontwikkeling en innovatie. Met een standaardisatie van metingen op doorfietsroutes zijn we in staat om overal in het land data in te winnen, die in de analyse tot vergelijkbare informatie kan leiden. Dat maakt dat we Nederland-breed beter uitspraken kunnen doen over het gebruik van routes en effectiviteit van investeringen in deze routes. ## Beleving en gedrag Bij dit type uitkomsten gaat het om de vraag in hoeverre doorfietsroutes hebben geleid tot een verandering in het gedrag van de doelgroep (overstappen op de fiets, fietsfrequentie of -duur). De beleving en waardering van de routes speelt daarbij een belangrijke rol. De standaard enquêtes (voor- en nameting) zijn gedigitaliseerd en op basis van het protocol voor ieder project in te zetten. Resultaten van de verschillende metingen worden visueel in één overzichtelijk, openbaar toegankelijk (link: https://app.powerbi.com/view?r=eyJrIjoiMzM2OTI3NjYtMjU0MC00MTQxLWFlMWUtY2UzZWVlYmYxOTc0IiwidCI6ImI4MGQ4OTVkLWIxMWUtNDE5NS1hODdhLTVhODQ2YzYwNDAxYSIsImMiOjl9 text: dashboard) weergegeven.
Lees verder over Standaardisatie effectmetingen doorfietsroutes – Beleving en Gedrag

Dashboard effectmeting Doorfietsroutes

Resultaten van metingen van beleving en gedrag op Doorfietsroutes, visueel en overzichtelijk in één openbaar toegankelijk dashboard weergegeven.
Lees verder over Dashboard effectmeting Doorfietsroutes

Standaardisatie effectmetingen doorfietsroutes – Gebruik

Nederland is al jaren het fietsland bij uitstek. Vanuit de verschillende duurzaamheidsdoelen, zoals economische bereikbaarheid, leefbaarheid en gezondheid wordt gewerkt aan een toename van het fietsgebruik. We streven naar een verdubbeling van het aantal fietskilometers in 2040 ten opzichte van 2017. De aanleg van doorfietsroutes wordt gezien als belangrijk instrument om tot die schaalsprong te komen. Om meer inzicht te krijgen in de effecten van de aanleg van deze routes, en daarmee in de effectiviteit van investeringen, is meer een eenduidige dataverzameling nodig. Om deze reden stelt Tour de Force een ‘Eenduidige Meetmethode Hoogwaardig Fietsnetwerk’ beschikbaar. In twee protocollen zijn de metingen van ‘beleving en gedrag’ en ‘gebruik’ op doorfietsroutes stap voor stap beschreven. Op deze pagina vind je het protocol 'gebruik’. Het protocol 'beleving en gedrag’ vind je bij de gerelateerde documenten. ## Voordelen standaardisatie De standaardisatie van de uitvoering en de effectmeting wordt centraal geregeld. Dit levert de volgende voordelen op: • resultaten zijn bruikbaar voor een landelijke vergelijkbaarheid van investeringen in doorfietsroutes; • standaard verrijking van enquêteresultaten leidt tot een directe kwaliteitsimpuls; • versnelling, toepassing en implementatie van wetenschappelijke concepten; • toegevoegde waarde voor quick-scan en strategische verkeersmodellen; • borging en uniformiteit fietskennisontwikkeling en innovatie. Met een standaardisatie van metingen op doorfietsroutes zijn we in staat om overal in het land data in te winnen, die in de analyse tot vergelijkbare informatie kan leiden. Dat maakt dat we Nederland-breed beter uitspraken kunnen doen over het gebruik van routes en effectiviteit van investeringen in deze routes. ## Gebruik Bij dit type uitkomst gaat het om de vraag of er sprake is van een verandering in de hoeveelheid gebruik en gekozen routes als gevolg van infrastructurele maatregelen op doorfietsroutes. Het gaat hierbij primair om tellingen van het aantal fietsers op de nieuwe infrastructuur. Er zijn talloze manieren beschikbaar om het aantal fietsers te tellen, zoals lussen, slangen, camera’s en radarmetingen. Net als voor het gestandaardiseerd meten van beleving en gedrag, is een eenduidige methode voor verzamelen van teldata ontwikkeld die in dit protocol is beschreven. Er is daarbij rekening gehouden met het feit dat niet elke opdrachtgever behoefte heeft aan dezelfde inzichten. De ene opdrachtgever wenst meer diepgaandere inzichten dan de andere. Bovendien wordt er door diverse wegbeheerders al met een bepaalde frequentie gemeten en is er vooral behoefte om hier aansluiting bij te zoeken. Er is daarom gekozen voor een protocol met een basisniveau dat essentiële inzichten biedt, aangevuld met optionele stappen die diepgaandere inzichten bieden. Het protocol geeft eerst een overzicht van factoren die een rol spelen bij het meten van fietsintensiteiten en vervolgens de stappen met betrekking tot de dataverzameling.
Lees verder over Standaardisatie effectmetingen doorfietsroutes – Gebruik

Sturingsmodellen Hoogwaardige fietsroutes

Rapport over sturingsmodellen voor hoogwaardige fietsroutes, opgesteld in opdracht van de Tour de Force.
Lees verder over Sturingsmodellen Hoogwaardige fietsroutes

Aandeel fiets in woon-werkverkeer stijgt na aanleg doorfietsroutes

Doorfietsroutes hebben tussen 2010 en 2021 geleid tot tien procent stijging in het aandeel fietsers in woon-werkverkeer voor wie een groot deel van de snelste route naar het werk via het tracé van een doorfietsroute loopt. Dit blijkt uit wetenschappelijk onderzoek van de Radboud Universiteit en Breda University of Applied Sciences.
Lees verder over Aandeel fiets in woon-werkverkeer stijgt na aanleg doorfietsroutes